Actuele info

19.03.2019 - Corporate - Arbeidsrecht en sociale zekerheid, Corporate - Economisch recht met o.a. marktpraktijken, Private - Arbeidsrecht en sociale zekerheid

Hof van Beroep Antwerpen: afwervingsclausule van een uitzendkantoor bij gebreke aan overeenkomst is ongeldig.

De rechtbank stelde dat als het uitzendkantoor dit risico niet wil lopen, zij eerst een contract dienen te sluiten alvorens prestaties te verrichten. “In dat contract kan het interimkantoor dan een bepaling opnemen dat de werkgever een bepaalde vergoeding verschuldigd is in geval deze de werknemer rechtstreeks zou aanwerven. In dat geval is er immers een duidelijke opdracht gegeven door de werkgever aan het interimkantoor om prestaties te verrichten en zo o.m. om kandidaat-werknemers te rekruteren die voldoen aan het door de opdrachtgever opgegeven en gezochte profiel, welke in geval van een rechtstreekse aanwerving anders niet vergoed zou worden. Dat dergelijke contractsbepaling nogmaals herhaald wordt in iedere e-mail waarbij het interimkantoor gegevens bezorgt van kandidaten aan de opdrachtgever, is zinvol.”

Het uitzendkantoor in kwestie tekende hoger beroep aan tegen dit vonnis zodat het Hof van beroep te Antwerpen zich diende te buigen over de kwestie. In haar arrest dd. 06/09/2018 bevestigt de rechter in graad van beroep het eerdere vonnis door zich volledig aan te sluiten bij de beslissing van de eerste rechter.

Het hof voegt daaraan toe dat een afwervingsclausule in de sector van de uitzendarbeid niet ongewoon is wanneer de toekomstige werkgever een aanvraag tot werving en selectie heeft gesteld waarna het uitzendkantoor op diens verzoek kandidaten gaat voorstellen. Dat was echter niet het geval in het voorliggend dossier. 

In de procedure in hoger beroep maakte het uitzendkantoor de vergelijking met een vastgoedmakelaar die de eerste contacten legt en vervolgens de koper en verkoper rechtstreeks ziet verder handelen om de commissie te omzeilen. Opnieuw duidt het hof hierbij op het gegeven dat in het voorliggende dossier geen overeenkomst tussen partijen bestond. Het handelsverkeer komt daardoor in geen geval op de helling te staan.

Zodus wordt bevestigd dat het sluiten van een voorafgaande overeenkomst tussen uitzendkantoor en toekomstige werkgever noodzakelijk is opdat later een schadevergoeding zou kunnen worden gevorderd ingeval van rechtstreekse aanwerving van een voorgestelde werknemer.